James Island in Gambia

Jullie hebben al een paar keer reisverhalen van mij gelezen over Gambia, maar tijdens mijn laatste bezoek hebben we wel een heel bijzondere excursie gemaakt. We zijn naar James Island geweest, of zoals het ook wel genoemd wordt het Kunta Kinte Island, naar de hoofdpersoon van het boek Roots van Alex Haley. Deze ervaring wil ik graag met jullie delen.
Deze excursie wordt aangeboden door alle grote touroperators, maar mijn voorkeur gaat uit om met een lokale man deze tocht te maken. We zijn met zijn vieren en deze gids heeft een open jeep ter beschikking, waar we lekker in de buitenlucht kunnen zitten.
Ophaaltijd is ‘s morgens om 07.00 uur, zodat we vanuit Banjul de eerste ferry naar de overkant kunnen halen. Om kwart over 7 is de gids nog nergens te vinden. Hadden we nu toch beter met een grote bus van de touroperator mee kunnen gaan? Maar iets voor half 8 komt hij eraan en biedt honderd duizend excuses aan, want de man die de koelbox moest leveren was nog niet wakker. Tsja, en dat is ook typisch Gambiaans: het is altijd de schuld van iemand anders. Maar wij zijn vol goede moed en we gaan op pad. We zijn in 20 minuten aan de haven van Banjul, waar al een behoorlijke verkeersopstopping is, want het lijkt dat heel Gambia naar de overkant moet. De gids parkeert de jeep en van daar uit gaan wij lopend de boot op. En wij niet alleen.

Wat een kleurig schouwspel. Honderden mensen, allemaal anders en auto’s zo volgeladen met huisraad en handel dat je je afvraagt hoe het nog op zijn wielen blijft staan en dat je je afvraagt of de boot wel blijft varen. De monding van de Gambia rivier is heel breed en het is een overtocht van ongeveer drie kwartier. Aan de overkant aangekomen staat er alweer een andere jeep voor ons klaar om de reis te vervolgen.
Er lijkt 1 asfalt weg te zijn en al snel moeten we deze verlaten om op een zandweg landinwaarts te rijden. Gelukkig kunnen we staan in de jeep, want zo kunnen we mooi ver kijken en is het gehobbel van de auto ook beter te verdragen. Halverwege houden we even een pauze voor een flesje fris. Regelmatig komen we koeien en geiten tegen, die schijnbaar aan niemand toebehoren, maar volgens onze gids zijn deze koeien echt wel van een plaatselijke boer. Maar de koeien krijgen de kans om zelf op pad te gaan voor water en eten. Ondertussen rijden we door een vrij vlak landschap met mooie watertjes, cashewnootbomen, mangobomen en Baobab bomen. Ineens rent er ook zomaar een aap de weg over.

Na een lange tocht komen we aan bij Jufferey, waar een museumpje is over de slavernij geschiedenis. Een gids leidt ons rond en vertelt over de geschiedenis. Het is heel indrukwekkend. Daarna gaan we in een bootje om zo over de rivier naar het Kunta Kinte eiland te gaan. Om in dat bootje te komen, moet je met  een hoge ladder vanaf de kade naar beneden. De ladder staat op de zeebodem, daarna moet je overstappen van die ladder in de boot. Niet mijn favoriete bezigheid, maar met hulp van veel sterke handen komen we toch veilig in de piroque. 

Het James (of Kunta Kinte)Island is een piepklein eilandje vol met Baobab bomen. En er is een ruïne van een fort. In dit fort werden de slaven gevangen gehouden. De slaven werden hier in kelders gestopt en een keer per dag werd er wat brood door een gat in de muur naar binnen gegooid. Als je dat ziet dan schrik je behoorlijk. Wat een verschrikkelijke toestand. Het doel was om de slaven uit te putten, zodat er geen energie zou zijn om te ontsnappen. Na twee of drie weken werden deze slaven overgebracht naar de grote schepen die vertrokken naar Noord en Zuid Amerika en naar de Caribbean, waar zij werden verkocht. Als je daar loopt ben je wel even stil. Heel indrukwekkend. Maar het is heel klein en na een half uurtje is het weer tijd om terug  te gaan. Weer terug aan de wal eten we een lekkere lunch van verse vis. Natuurlijk zijn er weer allerlei handelaren, die ons vanalles proberen te verkopen, zoals kettinkjes en houtsnijwerk. We hebben niets nodig, maar we kopen toch maar  een klein hout snijwerkje.

Toen weer terug in de jeep en weer de hobbel weg op. Langs die weg liggen verschillende compounds met kleine schooltjes. Als we bij zo’n compound even rustiger rijden, komen er uit alle hoeken en gaten kleine kindertjes aangerend. Onze gids heeft speciaal voor de gelegenheid twee zakken lolly’s meegenomen om uit te delen. Het voelt een beetje raar om die kindjes, die werkelijk niets hebben, zo bijna agressief om lolly’s te zien roepen en graaien. De handjes reiken tot in de auto en ze willen het liefst zelf in de onze tassen zoeken. Natuurlijk gun je die kinderen een snoepje, maar dit lijkt toch niet echt de bedoeling. We hebben zelf ook wat schriftjes en potloden meegenomen om uit te delen, maar vooral de lolly’s vallen in de smaak. De lolly”s worden speciaal verkocht aan toeristen om uit te delen. Ik vind dit wel een hele nare zaak. Er komen meerdere keren per dag auto’s langs. Het lijkt mij dat er well iets zinnigers moet zijn om uit te delen.

Eenmaal terug in Barre, waar de ferry vandaan vertrekt, kijken we weer onze ogen uit naar de ongelofelijke kleurrijke mensen, die allemaal van de ferry komen. 

In Banjul aangekomen moeten we even wachten op de jeep. We staan in een winkelstraat en als je om je heen kijkt, dan voelt dat al als een avontuur. Een drukte van jewelste, auto’s, mensen in traditionele islamitische kleding, in westerse kleiding maar ook in de traditionele Afrikaanse kleding. Vrouwen met stapels spullen op hun hoofd en dan ineens, een groepje geiten, zo tussen de auto’s door.

Het is weer een dag om nooit te vergeten, in een hele andere wereld dan onze westerse wereld. Geweldig om dat mee te kunnen maken.

 

  1. Hans van Hese says:

    Nou Carla dat was weer een mooie reis zo. Leuk geschreven,. Als je het zo leest waan je je er op dat moment zelf eventjes. Top. Op naar de volgende trip.

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

You may use these HTML tags and attributes:

<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>